Debat over kenniseconomie: Kansen voor Delft als proeftuin voor TU
Het debat in de TU eerder deze week over de kenniseconomie was een succes. Een goede opkomst en waardevolle bijdragen van achtereenvolgens Jeroen van Oort, Dirk Jan van den Berg, Marco Waas, Ronald Vuijk en Bob Ursem. En uiteraard de reactie van een zeer op haar gemak zijnde minister Van der Hoeven ‘thuis in de kenniseconomie’.
De stad Delft en de TU moeten veel meer samenwerken. Delft kan een proeftuin zijn voor de Technische Universiteit. De historische stad en de innovatieve universiteit hebben enorm onderscheidende kansen. Alleen door samenwerking tussen de gemeente en de TU kunnen kansen worden gecreëerd. Het bedrijfsleven kan daarvan enorm profiteren.
Dit zei lijsttrekker Milène Junius deze week tijdens een druk bezochte debatavond in de TU in Delft. Minister Van der Hoeven onderstreepte het grote belang van de kenniseconomie en de toepasbaarheid van die kennis in de praktijk. “Goede projecten hebben altijd subsidiemogelijkheden,” aldus Van der Hoeven.
TU-collegevoorzitter Dirk Jan van den Berg gaf aan zeker te willen samen werken, maar benadrukte dat de TU een internationale organisatie is die verder kijkt dan alleen de gemeente. Internationaal toepasbare uitvindingen komen bij voorbeeld van Bob Ursem, directeur van de botanische tuin: "Mijn uitvindingen vangen fijnstof af en kunnen paprika's en tomaten een hogere productie brengen met behoud van smaak." De ondernemer Thomas Pherson van het bedrijf Festo, gaf aan zijn eigen proeftuin te hebben met machines die voortdurend geïnnoveerd worden. |